Feest en Floraliënhal

Gebouwd in 1912-13 in het centrum van het park op de plaats van de in 1898 door de stad gekochte kazerne waarvan enkel de ingangspoort rest. Monumentaal paleis naar ontwerp van architect Oscar Vande Voorde, ingehuldigd voor de wereldtentoonstelling van 1913 en waar sindsdien de wereldberoemde vijfjaarlijkse bloemententoonstelling, de Floraliën gehouden worden.
Het gebouw zelf werd herhaaldelijk aangepast, gedeeltelijk vernieuwd en uitgebreid: het casino (oostzijde) werd volledig vernieuwd in 1949; boven de ingangsdeur symboliseren vijf panelen de roem van Gent (scheepvaart, textielnijverheid, maagd van Gent, bloemen, metaalnijverheid) naar ontwerp van B. Coolens. Het feestpaleis werd gedeeltelijk heropgebouwd en uitgebreid aan de westzijde in 1952 naar ontwerp van de stadsarchitect J. Trefois (gedenkplaat).
De behouden centrale ruimte, oorspronkelijk grote of koude serre, later hal genoemd, met drie beuken en negentien traveeën is overspannen door een merkwaardig metalen spant met een lichtkap boven de zijbeuken (Polonceauspant) en vijf klimmende lichtkappen boven de brede middenbeuk (combinatie van dubbele scharnierbogen en Polonceauspant). Uitwendig zijn enkel de lichtkappen en gecementeerde noordzijde met trapsgewijze verdiepte muurvlakken, gescheiden door lisenen met medaillons, zichtbaar. Ten behoeve van de Floraliën en de talrijke beurzen werd in 1963 een oostvleugel bijgebouwd en in 1975 een monumentale zuidelijke ingang voorzien, namelijk een massieve betonconstructie met hoog oprijzende skeletbouw naar ontwerp van architecten G. en D. Bontinck. De noordvleugel, oorspronkelijk warme serre, na de eerste wereldoorlog omgebouwd tot velodroom of zogenaamd “Kuipke” werd na de brand van 1962 volledig heropgebouwd.
Fotopagina Floraliënhal