Eerste luchtpost op het Europese continent

Henri Crombez (1893 – 1960) was een Belgische luchtvaartpionier.

Ter promotie voor de Wereldtentoonstelling in Gent vloog Henri Crombez op een dagelijkse basis van 1 mei tot 25 augustus 1913 met een Deperdussin eendekker tussen Gent en verschillende Belgische steden de eerste half officiële luchtpostdienst.

Het initiatief

Gent bekwam voor zijn prestigieuze Wereldtentoonstelling van 1913 geen uitgifte van postzegels zoals vroeger wel het geval was geweest voor Brussel en Antwerpen: het ministerie van Post en Telegraaf verzaakte aan die gedachte nadat de bijzondere postzegels voor de tentoonstellingen van Antwerpen en Brussel niet erkend waren door de Internationale Postvereniging. Mogelijks wilde de Belgische postadministratie gewoon geen postzegel uitgeven voor die gelegenheid en maakte ze er zich van af met een foefje.

Dus zocht men naar andere postale middelen. Voornamelijk onder impuls van Edmond Van der Stegen van de Aëroclub des Flandres besloot men in Gent dagelijks postvluchten in te leggen naar verschillende plaatsen in het land waarbij men een beroep deed op de piloot Henri Crombez, een negentienjarige jongeman, geboren in Lombardzijde maar op dat moment woonachtig in Doornik. Hij was pas 17 jaar toen hij zijn vlieglicentie (N°26) uitgereikt kreeg. “Riri” Crombez was al een van de tien Belgische deelnemers van de Ronde van België in 1911.

De komende maanden zou het vliegveld van Sint-Denijs-Westrem hierin een voorname rol spelen.

De rol van de Belgische Post

Op 18 april 1913 verscheen het volgende krantenbericht: “De kwestie van de luchtpost door de vlieger Henri Crombez is op goede voet. Het vertrek- en landingspunt van de aeroplaans zal op het Sint-Denijsplein zijn. De inrichters onderhandelen thans met de gemeentebesturen en sportmaatschappijen over andere nederdalingen in verband met de brievenpost”.

Het monopolie van de behandeling van poststukken behoorde in principe tot de Posterijen en was bij wet geregeld. De Posterijen konden evenwel dit transport toevertrouwen aan iemand anders, zoals aan een privé-vervoerbedrijf.

Henri Crombez had reeds begin april 1913 aan de regering machtiging gevraagd om tijdens de duur van de Wereldtentoonstelling een “luchtvliegpost per aeroplaan” te mogen organiseren tussen Rijsel en Gent. Deze dienst zou dagelijks ingericht worden en de briefwisseling van het Franse Departement du Nord naar Gent en omgekeerd brengen. De vergunning zou verleend worden mits het storten van een zekere vergoeding.

Daar de Posterijen nooit een geschreven akkoord met de organisatoren afsloten, maar het oogluikend toestonden, werd de verstuurde post als semi-officieel bestempeld en diende ze gefrankeerd met postzegels. Immers, in 1913 werd het vliegtuig als zodanig nog niet als transportmiddel beschouwd. Men kon dus stellen dat de Post de kat uit de boom keek. Maar het hele initiatief was van uitzonderlijk belang in de ontwikkeling van de luchtpost: gedurende meer dan vier maanden werd ze uitgevoerd naar verschillende steden toe. In die steden werden speciale brievenbussen geplaatst, enkel dienstig voor de luchtpost. Het waren de eerste regelmatige luchtpostvluchten op het Europese vasteland.

De vliegtuigen

We zien dat Crombez niet minder dan drie verschillende toestellen gebruikte: zijn “oud” toestel – een Deperdussin 50 pk – een tweede van 80 pk vanaf 14 mei en tenslotte nog een van 80 pk dat het Syndicaat, opgericht in de schoot van het organisatiecomité van de tentoonstelling voor het organiseren van de luchtpost voor hem kocht en tot zijn beschikking stelde op 22 mei. Crombez kocht deze Deperdussin nadien over.

Alhoewel Crombez voor iedere kilometer vlucht 1 goudfrank ontving, diende hij hiervan de onkosten van de vliegtuigen, de vluchtkosten, de vergoeding van mechanieker, benzine en onderhoud te betalen. Wellicht had hij meer kunnen verdienen door aan luchtmeetings deel te nemen, maar hij hield zich nauwgezet aan de overeenkomst met Van der Stegen. Nochtans schreef Edmond Van der Stegen hierover later (vertaald uit het Frans) :

“(…) daar ik geen enkele officiële steun genoot, heb ik persoonlijk het risico van deze organisatie op mij genomen waarvan de kostprijs tot op heden is opgelopen tot 4000/5000 goudfranken” (…) Ravitaillering, benzine, olie waren ten mijnen laste.”

De eerste postvlucht – Gent- Sint-Agatha-Berchem (1 mei 1913)

In de krant van 1 mei 1913 kon men lezen: “Gistermiddag heeft de heer Crombez met zijn aeroplaan een vlucht boven de Wereldtentoonstelling gedaan. Hij steeg op van het Sint-Denijsplein waar zijn loods staat, om na een ronde weer neer te komen “.

Op 1 mei startte de 19-jarige piloot de speciale luchtpostdienst. De krant van 25 april 1913 vermeldde: “De luchtvaartpost die het monopolie heeft van de verzending per vliegtoestel, zal zaterdagnamiddag van het Sint-Denijsplein een eerste reis aanvangen. De heer Henri Crombez zal in zijn aeroplaan Perdussin (sic) de clichés meenemen van de aankomst van de koninklijke familie in de Wereldtentoonstelling en de inhuldiging van de Gentse Floraliën, bestemd voor de Parijse dagbladen. Onderweg zal hij de poststukken voor Doornik afgeven. Bijzondere kaarten zullen op het Sint-Denijsplein worden verkocht aan 1 frank. Indien de luchtgesteltenis enigszins voordelig is zullen wij zondag te Gent de Parijse bladen ontvangen met de fotografieën van de belangrijkste gebeurtenissen van de dag welke voortaan beroemd zal zijn in de Gentse geschiedenis “

Maar die 1ste mei 1913 woedde een hevig onweer boven Gent, de bliksem viel in op verschillende gebouwen waaronder het Sint-Pietersstation. Gelukkig klaarde het weer op zodat Crombez om 15 u, na het lichten van de brievenbussen, kon opstijgen. Uit het volgend relaas in de krant “La Flandre Libérale” van 2 mei bleek dat de aangekondigde vlucht naar Parijs blijkbaar niet doorging: (vertaling)

“De inhuldiging van de Luchtpost vond gisteren plaats onder ruime belangstelling. Na de Wereldtentoonstelling overvlogen en vastgesteld te hebben dat zijn toestel op punt stond, is de vliegenier Henri Crombez op Sint-Denijs-Westrem geland om de post op te halen. Vertrokken om 16u. 50, kwam hij op het vliegveld van Berchem (St Agatha) bij Brussel aan om 17u. 15. De postkaarten van de luchtpost werden vervolgens per auto naar de Centrale Post te Brussel gebracht waar ze 40 minuten na hun vertrek uit Gent aankwamen om op de normale wijze verdeeld te worden naar de verschillende bestemmingen vermeld door de afzenders. Om 18u. 07 landde Crombez te Sint-Denijs, na een terugvlucht van 37 minuten.

De luchtpost zal iedere dag plaatsvinden, wanneer het weer het toelaat. De trajecten zullen verschillen en de Postkaarten zullen per vliegtuig vervoerd worden naar verschillende Belgische of buitenlandse steden waar zij zullen toevertrouwd worden aan het postbureel van de Staat die de koerier ter bestemming zal bezorgen. De postzegel van de Staat zal afgestempeld worden in de stad waar de vliegenier is geland.”

De vlucht Gent-Oudenaarde (5 mei 1913)

De Scheldegalm publiceerde in de uitgave van zondag 11 mei 1913 een verslag van de eerste landing van een vliegtuig in Oudenaarde op 5 mei 1913. We verkozen de integrale tekst over te nemen.

“Een eerste vliegmachien te Audenaarde. – Verleden zaterdag ontvingen wij bij ’t ter pers leggen van ons blad, een telegram uit Gent, dat de luchtvlieger M. Crombez, welke bij gelegenheid van de Wereldtentoonstelling onzer hoofdplaats, er “een luchtpost” schikt in te richten, den zondag, om 5 ure, uit Gent naar onze stad, met talrijke correspondentien, zou nederdalen.

Wij waren de eenigste uitgever die dit heuglijk feit mededeelden; in de namiddag ontvingen wij de tijding dat de heer Crombez, in plaats van op het oefeningsplein ten Eyndries, in de meerschen, buiten de gewezen Meerschpoort, zou aanlanden: het veranderen van aanlandingsplaats kwam ons echter eenigszins te laat toe om in ons blad mede te delen.

Menig van onze lezers namen onze nieuwstijding voor een grap of een late aprilvisch. Niettemin was de belangstelling algemeen en werd dit gewichtig bezoek aan onze stad door eenieder druk besproken.

Al onze ingezetenen stonden aan hunne woningen op de uitkijk; van 4 ure bevonden zich een massa nieuwsgierigen op onzen hoogen Ste Walburga-toren; ook werden door vrienden van den luchtvlieger, in de meerschen achter “Gibraltar”, maatregelen genomen om hem bij zijne aanlanding te ontvangen, hetgeen aldus de grootste bevestiging gaf zijner vliegreis naar Audenaarde.

Het weder dat van den vroegen morgen doorslecht was en ons reeds gansch den dag een plassende regen had gegeven, klaarde eenigszien op met 4 ure en was zeer kalm geworden.

Rond 5 ure steeg de heer Crombez, aan boord van zijn eendekker, met de “luchtpost” op en stuwde in een wijden bocht over de tentoonstelling, waar de massa bezoekers hem luidruchtig toejuichten, verhief zich daarop zeer hoog in het luchtruim en vloog op Audenaarde aan.

De talrijke nieuwsgierigen die zich op Ste Walburga-toren bevonden, bemerkten hem spoedig en weldra weerklonk over onze stad het geroep: hij komt! hij komt!

En inderdaad, als een vogeltje dat in de wijde luchtruimte vliegt, zag men de wonderbare machien door het menschelijk vernuft uitgevonden, eerst als een zwart plekje, bij elke seconde grooter en grooter worden.

Nog nooit zagen wij zulk een stroom van nieuwsgierigen zich naar de Meerschpoort begeven; in het nieuwe Meerschpoortstraatje zou men zich waarlijk overrompeld hebben

In de beste voorwaarden daalde de luchtvlieger neder. Per automobiel was zijn vader aldaar aangekomen. Vader en zoon omhelsden zich hertelijk, hetgeen een gevoeligen indruk maakte op de ontelbare omstanders.

De heer Crombez overhandigde de medegebrachte briefwisselingen uit Gent en nam er eene talrijke met zich in bestemming voor Gent mede.

Na enkele minuten stelde de heer Crombez zijn vliegmachien weer in werking en verhief zich aldra weder in de hoogte, maakte verscheidene bochten rond de Ste Walgurga-toren onder de levendigste toejuigingen der duizenden nieuwsgierigen en stuwde terug naar Gent alwaar hij rond 6 ¼ behouden op St Denijsplein terug nederdaalde; op 18 minuten had hij de afstand gevlogen en eene hoogte bereikt van 500 meters.

La Flandre Libérale van 6 mei 1913 geeft een minder poëtisch verslag van de luchtpostverbinding met Oudenaarde:

… Gisteren is Crombez naar Oudenaarde gevlogen waar een grote menigte de landing bijwoonde.Het terrein waarop hij landde was zo oneffen, dat hij uit het vliegtuig moest springen en zijn toestel diende tegen te houden om te beletten dat het in een gracht zou belanden. Na levering van zijn koerier heeft hij zijn vlucht hervat en heeft de tentoonstelling en de stad overvlogen op een hoogte van 800 meter vooraleer een halfuur na zijn vertrek op het plein van Sint-Denijs te landen.

Postkaarten

De eerste postkaart werd door de commissaris-generaal van de tentoonstelling, baron Jean de Hemptinne, geadresseerd aan Minister van Post en Telegraaf Segers. Bij de eerste retourvluchten had Crombez geen post vervoerd. Dit deed hij wel vanuit andere bestemmingen waar geen speciale postkantoren waren voorzien.

De organisatoren van deze private vliegdienst verkochten aan bezoekers van de tentoonstelling speciale kaarten aan 1 frank die zij met deze luchtpost konden versturen. Op die kaarten had men een paarse luchtpoststempel van de firma Deperdussin geslagen. De meeste vluchten vertrokken in de voormiddag uit Gent naar de Vlaamse kust. Daarom kan men naast deze private Deperdussin stempel ook nog speciale stempels op die kaarten aantreffen van de lokale vliegclubs van Oostende, Nieuwpoort-Bad of Blankenberge.

De vluchten Gent – Aalter/Gent – Brugge (10/11 mei 1913)

De verschillende krantenberichten leveren interessante details over het verloop van deze vluchten.

13 mei 1913: “ Niettegenstaande regen en wind verzekerde de luchtvlieger Henri Crombez zaterdag de luchtpostdienst tussen Brugge en Gent, een reis die enkel 40 minuten duurde. Zondag vloog hij naar Aalter en landde terug op het Sint-Denijsplein. Maandag verwezenlijkte hij de reis Gent – Blankenberge heen en terug in 1 uur 15 minuten. Dinsdag vertrok de luchtreiziger per spoor naar Parijs, waar hij een nieuwe aeroplaan gaat halen. Hij zal van Issy opstijgen en ermee naar Gent vliegen”.

Een interview met Crombez over zijn vluchten Gent – Aalter of Gent – Brugge op 10 of 11 mei 1913 :

“Wanneer het weer zo slecht was dat ik bijna geen zicht had voor mij wilde ik toch de dagelijkse vluchten uitvoeren. Ik vloog dus boven de spoorweglijn Brussel-Oostende en ter hoogte van Aalter gekomen, zocht ik het militair vliegveld en gooide ik de kaarten, samengehouden door mijn zakdoek naar beneden, waar mijn kameraden vliegeniers ze zo snel mogelijk in het dichtst bijgelegen postkantoor gingen afgeven.”

In de “Vooruit” van 15 mei 1913: “Noch de regen noch de wind hebben de vliegenier Crombez ervan weerhouden zaterdag (10 mei) de luchtpostdienst te verzekeren. Hij vertrok en loste te Brugge zijn poststuk en kwam na een vlucht van veertig minuten terug te Gent. Op zondag (11 mei) vloog Crombez naar Aalter, keerde vervolgens terug en landde op het plein van St.-Denijs-Westrem. Maandag vloog Crombez de vlucht Gent-Blankenberge en terug uit om 13 u. 15. Gisteren (14 mei) vertrok de vliegenier per trein naar Parijs om een nieuw toestel in ontvangst te nemen waarmee hij al vliegend teruggekeerd is van Issy-les-Moulineaux naar Sint-Denijs.

Volgens de enen was zijn toestel versleten en aan vervanging toe. Volgens andere bronnen had Crombez bij de eerste vlucht naar Blankenberge, op 13 mei, een zware landing gemaakt bij zijn terugkeer op het vliegplein van Sint-Denijs-Westrem. Maar hiervan ontbreekt iedere bevestiging in de pers. Hierbij was zijn vliegtuig dermate beschadigd, dat hij een nieuw toestel diende op te halen te Issy-les-Moulineaux bij Parijs. Van daaruit vloog hij met het nieuwe toestel in een ruk terug naar Gent. Dit legt de onderbreking van de vluchten uit van 14 mei tot en met 20 mei. Enkel omdat volgens de overeenkomst de vluchten moesten doorgaan, vloog zijn collega luitenant Sarteel op 17 mei een beperkte koerier van Gent naar Brasschaat in zijn plaats.

Intussen nam Crombez in Parijs een tweede Deperdussin van 80 pk in ontvangst.

“Vooruit” van 22 mei 1913: “Crombez vertrok eergisteren omstreeks 6u. 45 vanop het plein van Sint-Denijs-Westrem met zijn koerier om het naar Aalter te brengen. Morgen 23 mei zal Crombez naar het plein van Sint-Denijs komen met zijn persoonlijk vliegtuig en zaterdag zal hem een nieuwe aeroplaan overhandigd worden door het Syndikaat. Dit toestel zal Crombez toelaten belangrijker vluchten te ondernemen.”

De vlucht Gent-Casteau-Bergen (27 mei 1913)

“La Province” van 27 mei 1913 (vlucht Gent-Casteau-Bergen):

“ Luchtpost.

Het is in schitterende bijna ideale weersomstandigheden dat de vliegenier Henri Crombez zijn raid Gent, Bergen, Casteau en terug uitvoerde. Vertrokken vanop het plein van Sint-Denijs-Westrem omstreeks 17 u.30, is hij opgestegen tot op een hoogte van ongeveer 1.000 m en is in een kring om onze stad gevlogen om vervolgens met een schitterende glijvlucht te landen op het veld van Casteau, waar honderden en honderden nieuwsgierigen hem opwachtten. Het landen geschiedde zonder de minste hapering, hetgeen een hartelijk applaus aan het publiek ontlokte aan het adres van de onverschrokken en symphatieke piloot, die in 35 minuten de 84 km van de omloop had afgelegd.

Alhoewel hij opgestegen was tot op de hoogte die men weet, kloeg Crombez geleden te hebben onder de hitte. Na zich onderhouden te hebben met zijn ouders die temidden van de menigte zijn afdaling hadden bijgewoond, is Crombez terug opgestegen na de omvangrijke ‘koerier’ bestaande uit luchtpostkaarten gepost in onze stad te hebben meegenomen.

Omstreeks 18 u.30 steeg Crombez op boven het veld, en onder gejuich van de toeschouwers die slechts kortelings zijn prachtig toestel hadden kunnen bewonderen, nam hij, na een schitterende bocht uitgevoerd te hebben, meteen de richting van Gent, waar hij, 35 minuten later, zou landen zonder de minste hapering.

Deze raid van ongeveer 160 km, uitgevoerd in precies een uur en tien minuten, betekende een buitengewone prestatie, en rangschikt Crombez onder de beste piloten van het ogenblik.

De schitterende Deperdussin-ééndekker, waarmee hij de vlucht ondernam, is deze waarmee hij in september eerstkomend zal besturen tijdens de Gordon-Benettcup. In het vooruitzicht van deze rondvlucht, gaat hij zich in augustus voorbereiden te Reims-Betheny.

De raid van zondag heeft de bewondering van onze medeburgers opgewekt, zowel degenen die Crombez zagen zwenken op grote hoogte boven de Maas als deze die zich naar het kamp van Casteau hadden begeven, zijn landing en opstijgen hadden bijgewoond, beide even geslaagd.”

De nieuwe Deperdussin met een motor van 80 pk, bood hem nog meer mogelijkheden. Deze machine was een gedroomd verjaardagscadeau voor de jongeman, want op 16 mei vierde hij zijn twintigste verjaardag.

Vlucht Gent-Oostende (29 mei 1913)

“Vooruit” van 31 mei had het nog over de vlucht Gent-Oostende van 29 mei: “De vliegenier Crombez steeg gisteren namiddag om 3 uur op vanop het vliegveld van Sint-Denijs richting Oostende, vanwaar hij terugkeerde om 4 uur, samen met de post. Na de match Carpentier-Bombardier Wells voor het Wereldkampioenschap die te Gent doorgaat, zal Crombez naar Londen vertrekken met aan boord de foto’s genomen tijdens deze match.”.

Maar de voorziene vlucht naar Londen ging nooit door.

Over deze vlucht naar Oostende verscheen in “La Saison d’Ostende” van zondag 25 mei 1913 de volgende mededeling:

Op initiatief van de Aéro Club d’Ostende et du Littoral zal piloot Henry Crombez op donderdag 29 mei e.k. met een aeroplaan Deperdussin de postdienst per vliegtuig verzekeren tussen Gent en Oostende en terug.

Hij zal vertrekken van de Tentoonstelling in Gent op de vooropgestelde dag tussen 2 u 30 en 3 u in de namiddag, zal een half uur later landen op het strand in Oostende, daar de post uit Gent afgeven en onmiddellijk daarop met de post uit Oostende vertrekken, d.w.z. met de niet gefrankeerde speciale postkaarten die te koop zijn gesteld aan de prijs van 1 frank in het lokaal van de Aero Club, Société Littéraire, Wapenplein. Deze kaarten, waarvan de overhandiging bij aankomst gewaarborgd is, zullen de stempel van de vermelde Vliegclub en het merkteken van de luchtpost dragen. Zij zullen moeten worden gefrankeerd gedeponeerd in het hierboven vermelde lokaal ten laatste op woensdag 28 mei om 5 u ‘s avonds.

In geval van slecht weer zal de luchtpostdienst de daaropvolgende dag worden verzekerd.

Over de eerste vlucht met luchtpost uit Gent naar Oostende op 29 mei 1913 verscheen in de krant “Le Carillon” van 31 mei 1913 het volgende relaas:

Om 4 uur zag het volk op de dijk op een mooie helderblauwe meidag het verwachte postvliegtuig uit het oosten verschijnen.

Het vliegtuig daalde om te landen op het strand. Opeens begon het op een hoogte van 2 à 300 m goed uitgevoerde bochten te beschrijven. Het toestel kon niet landen op het estran ter hoogte van de dijkhelling tegenover de Vlaanderstraat (Vlaanderenrampe), waar een groepje personaliteiten klaarstond om de piloot te verwelkomen. Een kleine vertraging bij het opstijgen had verhinderd dat het toestel op het vooropgestelde uur toekwam. Omdat men nog geen middel heeft gevonden om het stijgende water tegen te houden (maar dat komt ooit nog wel), had de vloed beetje bij beetje de harde zandstrook op die plaats onder water gezet. Het postvliegtuig moest noodgedwongen zijn vracht neerzetten op het nog niet ondergelopen strand in de omgeving van het Royal Palace Hotel.

Bij zijn vertrek naar Gent had heel de stad de mechanische vogel zien voorbijvliegen, het succes van deze eerste postvlucht Oostende – Gent aankondigend met een triomfantelijk weerklinkend motorgebrom.

Men bevestigde ons dat hij tussen 600 à 700 kaarten uit de Koningin der Badsteden naar de Arteveldestad meenam.

Wij vernamen dat de jonge piloot uit Gent vertrok om 3 u 30 en in Oostende landde om 4 u 10. Tijdens de landing was een motorstang afgebroken. Daardoor kon Crombez pas na de herstelling, uitgevoerd onder het toezicht van vader Crombez, om 6 u 5 uit Oostende vertrekken. Heel wat leden van de Aero Club waren aanwezig om de jonge aviateur te feliciteren, die door M. de Vrière in naam van de Aero Club hartelijk werd bedankt.

Het hoogterecord (17 juni 1913)

Naast de postvluchten wilde Henri Crombez met zijn nieuwe prestatietoestel toch nog terloops een record breken. De voorbereidingen startten op 14 juni : “De heer Crombez steeg vrijdag rond de valavond van het Sint-Denijsplein op voor een proef tot het kloppen van het Belgisch hoogterecord. In 15 minuten tijd verhief hij zich tot een hoogte van 2000 meter. Binnenkort zal de koene vlieger voor de officiële vlucht opstijgen.”

Voor een gehomologeerd record diende men immers een barograaf aan boord te hebben. Zijn postvluchten gingen intussen onverminderd door. Op 16 juni dreigde een harde landing roet in het eten te gooien. Die zondagnamiddag brak hij een wiel bij de landing te Blankenberge. De piloot moest over de begane grond naar Gent terugkeren, maar de dag nadien was het landingsgestel gerepareerd :

“Nu zijn vliegtuig is hersteld, is Crombez vertrokken in de loop van gisteren de luchtpost verzekerend en hij is het kasteel van zijn vader te Doornik gaan overvliegen.”

Dezelfde dag zou hij het Belgisch hoogterecord breken: “Gisterenavond waren veel belangstellenden op het Sint-Denijsplein aanwezig. Aan de monoplaan van de luchtvlieger Henri Crombez werden twee barometers bevestigd welke tot hoogteopnemers zouden dienen.

Om 7 u. 10 steeg hij het luchtruim in. Hoger en hoger beschreef het broze toestel kringvluchten. In de stad werd het door duizenden ogen met een beklemmend gevoel van angst gevolgd. Het ging zelfs zo hoog, dat het nog enkel een heel klein, zwart stipje op het blauwrode uitspansel leek. Na een vlucht van 55 minuten besloot Crombez te dalen. Hij legde zijn motor stil en in een drijfvlucht die zeven minuten duurde kwam hij naar beneden. De opnemers wezen een bereikte hoogte van 3800 m aan. Zijn voorganger Tyck was tot 2700 m gestegen. Crombez klopte het record dus met 1100 meter. Wij herinneren er aan dat het eerste hoogterecord ter wereld hier te Gent aan de zeevaartinstellingen werd behaald door de heer Henry Farman in juni 1908. Het bedroeg toen 10 meter!”.

Later zou nog hevige discussie ontstaan over het homologeren van dit record, omdat men de temperatuur niet had geregistreerd – temperatuur heeft immers een beslissende invloed op de luchtdruk waarmee de barograaf registreert.

De vluchten naar Oostende (4 en 7 augustus 1913)

Op maandag 28 juli 1913 berichtte “Le Carillon” nogmaals:

Men meldt ons dat de Aéro Club d’Ostende et du Littoral op 4 en 7 augustus e.k. een luchtpostdienst zal verzekeren met de medewerking van de Belgische piloot Crombez “un facteur aérien merveilleux”.

De postkaarten kunnen bezorgd worden aan M. Crombez voor alle bestemming, zowel in als buiten België. Deze kaarten zijn te koop in het lokaal van de Aéro Club, Société Littéraire, Wapenplein in onze stad.

De laatste postvlucht tussen Gent en Oudenaarde greep plaats op 25 augustus 1913, maar daartussen had Crombez toch zeer regelmatig post gevlogen naar Blankenberge en een tiental keer naar en uit Oostende.

Over een vlucht die plaatsgreep op dinsdag 5 augustus 1913 publiceerde de Oostendse “Le Carillon” het volgende verslag:

De piloot Crombez, gisteren namiddag vertrokken uit Gent, is om kwart over zes in Oostende toegekomen. Hij is geland op het strand waar M. en Mevr. Crombez, M. de baron de Vrière, alsook Jan Olieslagers, de beroemde aviateur, hem opwachtten.

Nadat Crombez de post in ontvangst had genomen is hij omstreeks 7 u 10 naar Blankenberge vertrokken, waar hij arriveerde om 7 u 30.

Hij is niet naar Oostende kunnen terugkomen wegens een lichte motorstoring. We bemerkten dat, toen de sympathieke aviateur Oostende verliet, hij boven het Koninklijk Chalet wegdraaide. Crombez zal vandaag naar Oostende terugkomen waar hij donderdagmorgen om 10 u langsheen de kust zal vliegen.

Waarom deze talrijke postvluchten naar de kust? Het spreekt vanzelf dat Crombez als opdracht kreeg zo vaak als mogelijk promotie te voeren voor de Wereldtentoonstelling in Gent op plaatsen waar in België het meest toeristen verbleven. En dat was tijdens de zomer zonder enige twijfel de Belgische kust.

De vlucht naar Blankenberge (21 augustus 1913)

Op donderdag 21 augustus landde hij om 18 u. 45 op het strand van Blankenberge met luchtpost. Crombez werd er met een kanonschot en door een juichende menigte verwelkomd. De piloot bleef er twee dagen.

De “Vooruit” van 21 augustus meldde dat Crombez op 22 en 23 augustus “te Blankenberge zal blijven om er demonstraties te geven”. Zo voerde hij er vluchten op “grote hoogte” uit.

De vlucht Gent-Oudenaarde (25 augustus 1913)

In de krant van 25 augustus vond men details over de laatste vlucht van Gent naar Oudenaarde (Petegem) uitgevoerd op 500 meter hoogte aan een snelheid van 120 km per uur : Vertrek om 6 u, landing op het koersveld van Petegem om 6 u. 30 en terugkeer naar Gent om 7 u. na uitdeling en ophalen van de post.

“La Flandre Libérale” van 26 augustus vermeldde dat vijfduizend personen de vliegenier toejuichten in het hippodroom, waar hij werd gelukgewenst door baron Pijcke van Petegem.

Het einde en het belang van deze vluchten

Deze speciale luchtpostdiensten eindigden op 25 augustus 1913 omdat hij in september zijn militaire dienstplicht moest vervullen en voordien nog wilde deelnemen aan de Gordon-Benettcup.

Volgende bestemmingen werden aangedaan: Aalter, Bergen (Casteau), Blankenberge (Hôtel du Rhin), Brasschaat, Brugge, Brussel, Knokke, Menen, Nieuwpoort, Oostende (Aéro-Club du Littoral), Oudenaarde, Taintignies en Zelzate. Het valt op dat Crombez bijna dagelijks naar Oostende en Blankenberge vloog. Niet alleen hield hij van de kust en had hij er vele vrienden, maar was het landen op de mooie uitgestrekte stranden van Blankenberge, Knokke en Oostende veel veiliger. Crombez beschikte over een privé-vliegveld te Nieuwpoort, aangelegd door zijn vader, maar landde er zelden. Ook de op dit vliegveld in augustus geplaatste brievenbus had weinig succes. Vele strandgangers aan de kust wilden bovendien bij de eersten zijn om van deze dienst gebruik te maken en waren talrijk aanwezig bij het landen en opstijgen langsheen de waterlijn. Zij betekenden een moeilijk te verwaarlozen cliënteel voor de organisatoren van de Wereldtentoonstelling te Gent.

Het stond Crombez vrij de bestemmingen van zijn vluchten te bepalen. Bepaalde personaliteiten oefenden echter druk uit op organisator Van der Stegen om een bepaalde plaats te laten overvliegen ter gelegenheid van een lokaal feest. Zo verhaalde Crombez dat hij naar één bepaalde bestemming moest vliegen. Wanneer hij wilde landen, naderde het verzamelde publiek zo dicht, net als bij een fietskoers, dat er amper enkele meters overbleven om te landen. Uit schrik voor het risico herhaalde hij twee tot driemaal zijn poging maar stelde vast dat noch het publiek, noch de ordediensten iets aan de situatie verhielpen. Er bleef hem niets anders over dan onverrichterzake terug te keren.

Zelf hield hij de aangedane bestemmingen niet bij, zodat zijn vluchtkalender alleen kon samengesteld worden aan de hand van krantenberichten of van teruggevonden verstuurde post in verzamelingen. Van een logboek was nog lang geen sprake…

Zoals reeds gesteld werd de homologatie van zijn hoogterecord van 18 juni ter discussie gesteld. Pas drie maanden later, op 27 september 1913, werd Henri Crombez de prijs toegekend door de Sportcommissie van de Aéro-Club de Belgique. Het lijkt wel dat deze vertraging – Henri Crombez had waarschijnlijk maar al te graag de beker nog tijdens zijn postvluchtperiode in handen gekregen – de piloot in zijn eer krenkte. Om de pil te vergulden werd hem een groots feest aangeboden te Sint-Denijs-Westrem aan de sluiting van de Wereldtentoonstelling. Henri was op dat moment al dienstplichtige. In de krant van 31 oktober las men: De heer August De Breyne, voorzitter van de Aéroclub der beide Vlaanderen, heeft bericht ontvangen dat de minister van oorlog de militaire luchtvlieger Henri Crombez gemachtigd heeft langs het luchtruim in Gent de beker af te halen welke hem door de Club geschonken wordt ter gelegenheid van het Belgisch hoogterecord dat hij bij zijn vluchten te Gent op 3.550 m bracht.

Maandagmorgen zal op het vliegplein van Sint-Denijs een neerstrijking van Crombez te bekijken zijn. Verscheidene Belgische luchtvliegers zullen op het plein met hun makkers komen verbroederen. Heel het middendeel zal voor hen voorbehouden worden.

De ministers die bij de sluiting van de Wereldtentoonstelling het banket bijwonen in het Hedendaags Dorp zullen insgelijks naar het plein komen”

Maar de trotse Henri Crombez stuurde zijn kat. Blijkbaar duurde het nog enkele maanden voor hij de prijs in ontvangst zou nemen, tot de krant van 14 februari 1914 volgend bericht afdrukte: “Dinsdagmiddag werd rond 12 uur een vliegmachine boven de Stad Gent gezien. Het was de heer Henri Crombez, thans militaire luchtvlieger, die met zijn toestel van Antwerpen kwam.

Hij is een kwartier later op het Sint-Denijsplein neergedaald en verbleef daar tot 2 1/2 uur. Dan steeg hij aan boord van zijn monoplaan weer op en vloog naar Doornik, vanwaar hij afkomstig is.

De beker welke hem werd toegekend door de Aéro-club der beide Vlaanderen voor het verwezenlijken van het Belgisch hoogterecord tijdens zijn vluchten boven het Sint-Denijsplein, zal hem op zijn verzoek naar Doornik worden opgestuurd.

Er was eerst besloten dat de overhandiging van de beker op min of meer plechtige wijze te Gent zou geschieden. Op verlangen van vlieger Crombez heeft men aan dit voornemen verzaakt.”

Het belang van het initiatief om een regelmatige luchtpostdienst te organiseren, mag niet onderschat worden. De bezieler van dit project, Edmond Van der Stegen, zou vele jaren later fier en tevreden op die periode terugkijken:

“Ik werd toen bestempeld als een utopist en met het typisch Belgisch karakter verzekerde iedereen, op twee of drie uitzonderingen na, me dat het om een jeugdverzetje ging zonder enige toekomst.

Ik heb tot hiertoe gelukkig kunnen leven om vast te stellen dat deze embryonnaire luchtpostdienst de eerste in Europa was en dat het voorbeeld dat ik toen gegeven heb, thans het voorwerp uitmaakt van regelmatige uitbatingen door de postdiensten van de hele wereld”.

Henri Crombez stond in 1914 met zijn eigen Deperdussin klaar om de Duitse inval te counteren. Reeds de eerste dag van de Eerste Wereldoorlog, op 5 augustus 1914, leverde hij een luchtgevecht met een Duits toestel. Hij vloog vier jaar lang als frontvlieger behaalde één overwinning. “Riri” Crombez overleed in 1960.

2013  bpost vierde de 100ste verjaardag van de eerste luchtpostvlucht op het Europese continent met twee gegraveerde postzegels aan de hand van Guillaume Broux.

Overzicht van alle vluchten tijdens de expo van 1913

 Mei 1913.

Donderdag 1 mei        Gent-Brussel (Berchem) en Brussel-Gent

Vrijdag 2 mei               Gent-Brussel en Brussel-Gent

Zaterdag 3 mei              Gent-Brussel en terug

Zondag 4 mei               Gent-Oudenaarde en Oudenaarde-Gent: beschadigd toestel

Vrijdag 9 mei               Gent-Aalter

Zaterdag 10 mei            Gent-Brugge.

Maandag 12 mei        Gent-Aalter

Dinsdag 13 mei          Gent-Blankenberge en terug

Zaterdag 17 mei         Speciale vlucht Gent-Brasschaat door lt. Sarteel

Woensdag 21 mei      Gent-Aalter

Zaterdag 24 mei         Gent-Brugge

Zondag 25 mei           Gent-Mons(Casteau) en terug

Donderdag 29 mei     Gent-Oostende en terug

Vrijdag 30 mei                 Gent-Aalter en Gent-Oostende 

Juni 1913

Maandag 2 juni           Gent-Blankenberge en terug

Donderdag 12 juni      Gent-Blankenberge en terug  

Zaterdag 14 juni          Gent-Aalter

Zondag 15 juni            Gent-Blankenberge en terug

Maandag 17 juni         Gent-Blankenberge en terug

Donderdag 19 juni      Gent-Taintignies

Zaterdag 21 juni          Gent-Zelzate en terug

Zondag 22 juni            Gent-Aalst (Spruithoek)

Maandag 23 juni         Gent-Menen en terug   

Dinsdag 24 juni

Donderdag 26 juni      Gent-Menen-Kortrijk en terug

Maandag 30 juni           Gent-Aerseele

Juli 1913

Vrijdag 4 juli                Gent-Blankenberge en terug

Zaterdag 5 juli               Gent-Aalter

Zondag 6 juli                 Gent-Brussel (Sint-Agatha-Berchem) en terug

Maandag 8 juli              Gent-Blankenberge en terug

Dinsdag 9 juli                Blankenberge-Gent

Zondag 13 juli               Gent-Zelzate en terug

Dinsdag 15 juli              Gent-Brugge

Woensdag 16 juli          Gent-Blankenberge en terug

Donderdag 17 juli         Gent-Blankenberge en terug

Maandag 21 juli            Gent-Blankenberge en terug

Woensdag 23 juli          Gent-Oostende-Blankenberge en terug

Maandag 29 juli            Gent-Blankenberge en terug

Donderdag 31 juli         Gent-Blankenberge, Oostende-Gent, Gent-Brussel

Augustus 1913

Zondag 3 aug.               Gent-Knokke, Knokke-Nieuwpoort

Maandag 4 aug.            Nieuwpoort-Knokke ( Le Zoute), Blankenberge

Dinsdag 5 aug.               Nieuwpoort-Oostende- Blankenberge-Gent

Woensdag 6 aug.         

Donderdag 7 aug.         Oostende-Blankenberge ( Le Zoute)

Vrijdag 8 aug.                Gent-Aalter

Zondag 10 aug.             Gent-Aalter

Zondag 17 aug.             Gent-Oostende-Blankenberge en terug

Donderdag 21 aug.       Gent-Blankenberge en terug

Zondag 24 aug.             Gent-Blankenberge

Maandag 25 aug.          Gent-Oudenaarde (Petegem)

Volgens Crombez zelf werd dagelijks gevlogen en meestal post meegenomen. Deze luchtpost had nogal wat succes: verschillende kaarten werden vanuit hun bestemming verder doorgestuurd naar Nederland, Frankrijk en Spanje. Een kaart van de vlucht Zelzate op 21 juni werd zelfs doorverstuurd naar Zamosc, nu Polen, toen nog Rusland, waar ze op 12 juni ( andere kalendertelling) aankwam!

Of Crombez ook op iedere bestemming daadwerkelijk landde, of in overvlucht enkel een postzak dropte, is niet uit te maken. 

Bronnen :

Privé archief Briefwisseling Crombez,  WT13 en Aëroclub des Flandres 
Dhanens Piet en De Decker Cynrik, Een eeuw luchtvaart boven Gent deel I, Flying Pencil, Erembodegem, 2008
Major Walter, Vleugels boven Oostende, Flying Pencil, Erembodegem, 2010
Lecomte Georges; Ballons en vliegtuigen boven Oudenaarde (manuscript)