Force, Beauté et Sagesse

Jules Van Biesbroeck

Aan het uiteinde van het centrale waterbekken, voor het Paleis voor Schone Kunsten, prijkte het zogenaamde Waterkasteel, een monumentale fontein.
Een moderne art deco constructie, ontworpen door de Gentse expo-architect Oscar Van de Voorde, werd rijkelijk van beeldhouwwerk voorzien door Jules Van Biesbroeck, kleinzoon van Louis-Pierre en telg uit een vermaarde Gentse beeldhouwersfamilie.
Op de centrale sokkel,waaruit water stroomde, bevond zich de beeldengroep Schoonheid, Kracht en Wijsheid met zittende personificaties. Centraal slaat de gespierde Hercules (Kracht) zijn rechterarm om een jonge halfnaakte vrouw (Schoonheid) met een bloem in de hand, en zijn linkerarm om een gesluierde vrouw (Wijsheid) met een driehoek op haar schoot.
Het was Van Biesbroecks vriendin, die model stond voor de twee dames.
Het volledige monument, ook gekend als Verheerlijking van de Arbeid en als De Vrede, de Arbeid en de Vooruitgang, besloeg maar liefst 25 meter in lengte.
Zoals bij Verbancks Van Eyck-monument waren links en rechts van de centrale beeldengroep twee groepen met figuren aangebracht bij wijze van zijpanelen. Evoluerend van laag- naar hoog-reliëf, was daarop een dynamische optocht voorgesteld van een veertigtal mannen, vrouwen en kinderen met kransen en vlaggen, die hulde brengen aan de werkers van de nijverheden, kunsten en wetenschap enerzijds, en aan de landbouw anderzijds.
Door het uitbreken van de oorlog, bleef het kunstwerk achter op de verlaten expoterreinen, waardoor het kunstwerk schade had opgelopen.
In 1915 werden de gipsen zijpanelen versterkt om het te kunnen wegnemen en op te bergen. In 152 verdwenen deze beelden uit het toenmalige depot gelegen in het Berouw.
In 1926 werd de verkaveling van de expogronden goedgekeurd.
De aanleg van het plein, genoemd naar de voorzitter van de wereldtentoonstelling, graaf Paul de Smet de Nayer, en van de aanpalende straten werd grotendeels bepaald door het grondplan van de wereldtentoonstelling.
De grote bassin werd in 1932 gedempt en bezaaid.
In 1950 kreeg de beeldengroep een nieuw verlaagd voetstuk met ingewerkte bloembakken en een omkadering door een pergola ter voorbereiding van de Floraliên.

Boven op de Vooruit?

Door het uitspitten van de dagbladen vooruit, vooral die uit 1914, kwamen enkele merkwaardige verklaringen naar boven in een intwerview, alsook uit de briefwisseling
Brief van Jules Van Biesbroeck:
Citaat: “Er moet mij lucratiefwerk besorgd worden mijn beste Anseele –Allons un bon coup d’épaule”
Van Biesbroeck geeft in een schrijven de prijzen op voor het gieten in brons van het beeld voor de achterfade nieuw feestlokaal. Anseele zal verder met Van Biesbroeck onderhandelen.”
En de achtergevel?
De “tempel” zou bekroond worden met de reusachtige zinnebeelden der wijsheidwijsheid.” einde citaat
Verslagboeken van de coöperatieve:
Hierin vinden we op 20 en 27 januari 1912 volgende fragmentjes:
“Dan is Anseele met Dierkens naar het huis Coppieters gegaan om te zien naar de maquette Van Biesbroeck voor de achterfacade van het nieuw Feestlokaal.
Daar werd opnieuw het opbouwen van het nieuw Feestlokaal besproken.
Coppieters verklaarde, wanneer hij geheel het werk mocht besturen,dat het lokaal in de maand april 1913 zou gereed zijn.” Artikel uit de vooruit van 1914:
Daar de steller van het artikel in “Vooruit” in 1914 het over de meervoudsvorm “zinnebeelden der wijsheid” had,kan men hieruit besluiten dat dit ging over de groep “Schoonheid, Kracht, Wijsheid” of “Force, Beauté, Sagesse”.
Fotopagina Force, Beauté et Sagesse